Het leven in Sint Amandsberg

Vroeger zocht ik het avontuur ver weg. Ik word graag uit mijn belevingswereld getrokken en midden in een andere gedropt. Misschien dat ik daarom zo graag journalist wilde worden. Het gamma mensen en situaties dat je tegenkomt is zo divers dat je om de hoek de hele wereld ziet. Mensen en verhalen boeien mij zo erg dat ik mezelf dikwijls moet inhouden om niet willekeurig dingen te vragen aan mensen op straat.

Vandaag vertelde ik aan de kapster (op de hoek) dat ik een tijdje in de VS heb gewoond. Niet om indruk te maken, maar dat lijkt het wel altijd te doen. “Ik leef graag een tijdje ergens anders”, zei ik nog, “maar ik denk dat ik nu even hier blijf”. Hier, in Sint Amandsberg, in een huis en een gemeente die ik ‘burgerlijk’ en ’saai’ noemde toen mijn lief hier wilde komen wonen.

De laatste loodjes

Ik bevind me in een vervelende positie. Mijn schoenen zijn al aan, maar ik mag mijn veters nog niet strikken. Ik heb de uitgang gevonden, maar kan nog niet vertrekken. Het ijs is al dik, maar ik nog te zwaar. Met andere woorden: het gaat al beter met me, maar ik ben nog niet klaar.

Alles zou ik nu geven voor de onschuld en weerbaarheid van een puppy op ontdekkingsjacht. Vrolijk rondhuppelen en genieten van het leven zonder de herinnering aan verdriet.  Een keer tegen de muur aanbotsen en dan gewoon kwispelend de andere kant uitgaan. Voor mij is die zoektocht  nu meer revalideren dan ontdekken en meer botsen dan gaan.

Disco

Twee weken geleden werd ik meegesleept naar Sfeer, ‘hét evenement voor interieur, tuin en zwembad’. Zelf had ik niet zo’n behoefte aan die beurs, mijn maar mijn lief stond te trappelen. Op naar Flanders Expo dus waar ik nog nooit eerder was geweest. Ik stond dan ook verontwaardigd naar het grote gebouw te staren eenmaal aangekomen. ‘Dat gaat hier lang duren’, dacht ik.

Eindeloos veel zetels, tafels, stoelen en lampen later vond ik het wel mooi geweest. Het lief keek nog verlangend naar één laatste zaal en ik gaf toe. En toen was daar opeens het licht! Een prachtige lichtbol van kristal die als een diamanten planeet in de lucht zweefde. Ja, we werden er poëtisch van. Een half uur later klom de standeigenaar een trapje op en plakte ‘verkocht’ op onze nieuwe lamp.

Vandaag werd onze lading kristal geleverd. Ik moet eerlijk toegeven dat ik me even zorgen maak. De lamp is een stuk groter dan ik me herinnerde (Mijn herinnering is ongeveer “Oooooooh, pretty!!! Muuuuuust haaaaave ” ) en zo in een doos met isomo is de charme er toch wat af. Eigenlijk wil ik zo snel mogelijk een elektricien of schoonbroer optrommelen om dat ding aan het plafond te hangen. Ik hoop maar dat het niet een grote, dure, flashy discobol wordt.

Op de grond

Eén van de grote nadelen van een oude houten vloer is natuurlijk het charmante gekraak. Hadden we toch die laminaat gelegd dan had ik elke nacht geluidloos kunnen rondsluipen in ons huisje. Maar zo’n neppe tapdansvloer zonder karakter, dat is niets voor mij.

Stil rondhuppelen in het maanlicht gaat dus niet. Daar kwam ik vannacht nogmaals achter toen ik nog net op de tippen van mijn tenen stond te balanceren en toch een ‘krrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrk’ veroorzaakte bij de deur van onze slaapkamer. In bed glippen zonder mijn geliefde te wekken was uitgesloten.

Terwijl ik mijn adem inhield (wachtend op gegrom vanuit de slaapkamer), hoorde ik plots een dappere vogel buiten. Er is weinig zo mooi als de eerste fluitende vogel op een vroege lentemorgen. Ik ben snel naar een andere kamer getrippeld, heb een dekentje gepakt en ben bij het open raam op de grond gaan liggen.

Ja, op de grond. Sommige mensen begrijpen dat niet, maar er zit iets enorm bevrijdend in op de grond liggen. Als puber sloop ik in de zomer vaak naar het balkon om daar onder de sterrenhemel te slapen. In de winter sliep ik soms op een yogamatje onder mijn hoogslaper.

In het Engels kan je dat gevoel met één woord zo mooi uitleggen: ‘grounded’. Ik had me vannacht niet meer in balans kunnen voelen dan daar op de grond luisterend naar die vogel. Het is een beetje als een tijdelijke onthechting van de luxe van je bed.

Word ik wat te zweverig? Geen nood, na 2 uur ben ik toch maar in mijn bed gekropen. Dat ging trouwens gepaard met nog meer lawaai dan voorheen. Op mijn 26ste is de vloer blijkbaar niet het enige dat kraakt na een paar uurtjes op de grond liggen.

In het roze

Soms heb ik geen keuze. Er is dan iets nog niet klaar met mij. Ik lig in bed en staar, draai, zucht en staar weer. Eigenlijk vermaan ik mezelf voortdurend dat ik moet slapen. Maar iedere keer dat ik mijn ogen sluit, zie ik woorden. Zelfs wanneer ik slaperig word, zweven er zinnen voorbij.

Dus doe ik wat mij zo romantisch lijkt: midden in de nacht schrijven. Maar dan zonder de cliché’s die ik vroeger als een heilig ritueel beschouwde:  drank, rook, gerommel. Nee, ik zit in een roze  pyama aan een nette tafel in een opgeruimde woonkamer. Klaar voor een verantwoorde, maar toch obsessieve roes.

Natuurlijk komt er helemaal niets creatiefs vanuit een roze pyama. Het zal maar eens gemakkelijk zijn. Nog wat flarden van mijn frustratie wring ik uit op mijn toetsenbord en dan…noppes. Ik hou niet van verantwoord zijn en mijn inspiratie nog veel minder. Terug naar bed dan maar. Wedden dat ik daar weer woorden vind?

Ginger, mijn geeky hond en haar website

Ik had vandaag zin om iets nieuws te maken. Soms bouw ik dan om te bouwen. De hond had al een tijdje een eigen fanpagina op Facebook, maar nu heeft ze er ook een website bij. Klik even op de titel en je bent er zo.

Nieuwe structuur

Dat Nederlands schrijven bevalt me beter dan verwacht. Ik bouw dus aan een bredere Nederlandstalige blog want het werd wat ingewikkeld. Geen nood, de RSS feed verandert  niet en er komt ook geen aparte URL. Maar het Engelstalige en Nederlandstalige deel zijn nu duidelijk gescheiden.